Lunch bij Vrijmoed

In het korte bestaan van deze blog is het al eerder aan bod gekomen: lekker veggie eet je gewoon in een goed restaurant, en niet noodzakelijk in een vegetarisch eethuisje.

Waarschijnlijk speelt het kader daarin een grote rol. Voor mij toch altijd een belangrijk deel van de ervaring: een mooi interieur, vakmensen voor de bediening …. het is misschien wat blasé maar pas dan heb ik echt het gevoel dat het over een specialleke gaat. Iets meer dan wat ik zelf thuis ook kan. Iets feestelijks. Iets wat niet voor elke dag is.

Vrijdagmiddag schoot ik de hoofdvogel af. Uitgenodigd, bij Vrijmoed. Door iemand die me nog kent uit mijn voorveggiedagen en van wie ik niet zeker was of hij de switch onthouden had. Niet dus, zo bleek toen ik binnenkwam. Maar dat was bijzonder veel geen probleem, want er staat standaard vegetarisch gerief op de kaart.

De aperitiefhapjes waren zelfs gewoon voor iedereen veggie. Geen dode beesten te bespeuren. Het was de eerste keer in mijn leven dat ik een stukje prei at en haast om meer ging smeken in de keuken. Prei, mijn horrorgroente bij uitstek, lichtjes gedinges met nogiets erop, bleek opeens een voltreffer te zijn. Zo lekker dat dat was!

Als voorgerecht had ik een paar dikke groene asperges met snijbiet en spinazie en dan van die kleine wolkjes saus met rode biet en – o hemels genoegen – iets met heel veel citrus in. En mijn hoofdgerecht was een polderaardappel. In schijfjes en in puree en alweer met zo’n goddelijk sausje bij. Nog een geluk dat het servies aan de stevige kant was, of ik had los door mijn bord geschraapt. Dessert: ook al zoiets. Een halve soeplepel zaligheid in de vorm van sorbet met citraat, en groene appel die zo onwaarschijnlijk fris was, en dan nog iets uit een mysterieuze fles erbij gegoten. En de wijn, daar durf ik zelf niet eens goed aan te beginnen om dat uitgelegd te krijgen. Vooral wat ze me bij het aperitief hadden geschonken was absolute gelukzaligheid.

Wat ik me wel zat af te vragen was wat je ermee aan kan als je echt grote honger hebt. Want na elk gerecht – en ik ben geen grote eter – zat ik half huilend naar mijn bord te staren in de hoop dat het zich op magische wijze opnieuw zou vullen. En tegelijkertijd was ik blij dat ik hunkerend achterbleef, en niet met een maag op springen en een broeksknoop los. Meer dan een zeer uitgebreide proefsessie was het niet, maar ik denk dat dat een beetje de bedoeling is. Als je een groot bord met veel van dat zou vullen, dan maak je iets kapot. Dan lost die hunkering ergens halfweg op en dan wordt het eten, gewoon eten, teveel eten.

Goedkoop kan je dat daar niet noemen. Te duur voor wat het is? Voor hongerige mensen waarschijnlijk wel. Maar bon, ik ging niet echt “om te eten”. Ik ging om te proeven. En ik heb dingen geproefd waar ik thuis zelfs niet eens aan zou durven beginnen. Aan tafel gebracht door vriendelijk en vakkundig personeel. En in uitstekend gezelschap. Wijs!

Advertisements
This entry was posted in Gent and tagged , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s